Yvette Hutse de kersverse ere-dekenin van dekenij de 3-gemeenten aan Merelbeke Station
Yvette Hutse, de kersverse ere-dekenin van Dekenij De 3 Gemeenten aan Merelbeke Station

De dekenij “De drie Gemeenten” aan Merelbekestation heeft een heel bijzondere locatie.
Wanneer je van het station komt sta je eigenlijk nog op Gents grondgebied.
In de straten rond het station is er een verwarrende situatie.
De Teaterstraat links, met de onpare nummers, is eigenlijk nog Gentbrugge. Aan de overkant zijn er drie huizen die op grondgebied Merelbeke staan.
In de Hendrik Consciencestraat zijn er twee huizen waarvan de voorgevel in Merelbeke staat en het achtertuintje bij Gent hoort.
Op deze plaats, waar drie gemeenten elkaar raken, ben ik sedert 1999 dekenin geweest.
Eigenlijk is dit een jonge dekenij want na de bombardementen was het buurtleven hier helemaal onder nul.
Een ware buurtschap vormde een harde kern die elk jaar zorgden voor een spetterende kermisweek. In mijn herinneringen zie ik “Liesje” met paard en kar rond gevoerd worden met aan haar zijde een voorname man met een “chapeau bûche”.
In 1998 kwamen enkele handelaars samen in “het acht-urenhuis” om de kermis nieuw leven in te blazen. Een kermis die alom gekend was en een attractie waar al de omliggende gemeenten op af kwamen en naar uit keken.
Ze beslisten om een dekenij op te richten waarvoor ze aansloten bij de grote dekenij familie van de Opperdekenij ,waardoor ze ook gesteund werden door de Stad Gent.
Johan Vermeulen werd deken en ik dekenin. De aanstelling gebeurde in de Floracentrum daags na een ongelukkige val van mij in Eurotuin.
De kermis bleef doorgaan elk jaar rond 2 augustus en stilaan groeide die uit naar een gezellig dekenijfeest.
Er kwam een grote rommelmarkt waar het in de vroege ochtenduren koffietijd was in ons garage, voor de standhouders, met een gezellige babbel over plannen, kritiek en verbeteringen.
Heel vlug kwam er een podium aan de beenhouwer, ons aangeboden door het gemeentebestuur van Merelbeke. De brandweer verzet het podium door een verkeersomleiding tijdens het feestweekend.
Er kwamen volksspelen, kruiwagenwedstrijden, zaklopen. We bouwden een “speeldorp”, er was een optreden van de bestuursleden in een sketch rond kabouter Plop en de onvergetelijke “championettes”.
Het dekenijleven groeide en bloeide en er kwamen kermisavonden met artiesten die volk naar de tent brachten.
12 jaar lang werden de feesten gesloten met een groots vuurwerk op het grondgebied Melle. Massa’s volk, want een vuurwerk blijft een publiekstrekker.
Bij de start hebben we geen lidgeld gevraagd. Iedereen was welkom. Maar koken kost geld en dat heeft ons naar een kleine bijdrage gebracht van 500 BFR per lid, onze leden zijn allemaal plaatselijke zelfstandigen, wat nu 12,50 zou zijn.
We vieren Sinterklaas voor de kinderen uit de buurt en hebben elk jaar een leuke paaseieren zoektocht. Er zijn regelmatig etentjes om de vriendschap te onderhouden en elkaar beter te leren kennen.
Voor de toekomst plannen we een echt Halloween gebeuren om wat vernieuwing in ons programma te steken.
Onlangs heb ik afstand genomen van mijn taken als dekenin en de leiding overgedragen aan mijn dochter Carine. Dit is in de dekenijgeschiedenis waarschijnlijk een uniek feit: van moeder naar dochter!
Toch kan ik het niet laten om nog altijd mee te werken en te steunen zoveel ik kan. Een dekenij met “drie gemeenten” is geen eenvoudige klus, het is alles in drievoud. De stad GENT geeft ons subsidies, van Melle krijgen we een vergoeding en Merelbeke geeft ons logistieke steun. Voor elke gemeente draait de administratiemolen en elk bestuur heeft zijn eigenheid in het beleid van hun zaken!
We doen ons best, alhoewel de tijden moeilijk geworden zijn en er een teveel aan verenigingen bijkomen. De buren hebben het allemaal zo druk en jongeren zijn moeilijk te motiveren.
Covid heeft wel een invloed gehad op het sociaal leven. Er was een ongelooflijke zucht naar contact, wat voor ons een sterke groei van dekenijleden heeft meegebracht.
Mijn taak als dekenin heeft me een diepere kijk gegeven in het belang van buurtschap, hulpvaardigheid en vriendschap. Het is niet alleen een opdracht, het is een “beleving”.



